
Hoe verliep 2025 en hoe kijk je naar het nieuwe jaar? Dat vroegen we de directies van alle grote Nederlandse bouwmarktketens. We spraken hen over omzetten, druk op rendement, groeifactoren, projecten in 2025, wel of geen focus op e-commerce, nieuwe winkels en de verwachtingen voor 2026.
Als we het hebben over 2025, beginnen we bij de marktleider: Intergamma. CEO Joost de Beijer: “De omzet heeft bij beide formules een mooie stijging laten zien, zowel in de bouwmarkt als via het online-kanaal. Gecombineerd hebben we gewoon een heel mooi omnichannel-jaar gehad.”

Joost de Beijer (Intergamma): “Gecombineerd hebben we een heel mooi omnichannel-jaar gehad”
Ook Evert de Goede van Hornbach is tevreden: “We zitten gewoon in een topjaar. Het is natuurlijk nog niet ten einde – want bij Hornbach loopt het boekjaar tot eind februari – maar wat dat betreft heb ik weinig te klagen.” Over het kalenderjaar noteerde Hornbach een groei van ruim boven de 4,4% die GfK voor de totale DHZ-retail becijferde. “Zeg maar gerust ‘ruim-ruim’”, lacht De Goede die verder geen details kan geven.
Voor Praxis-directeur Corine Duchenne was 2025 ook zeker geen jaar om over te klagen. Sterker nog: ondanks een uitdagend najaar, oplopende kosten en een markt die steeds kritischer wordt, kijkt ze met vertrouwen vooruit op de jaarcijfers van 2025. Die zijn op het moment dat we haar spreken nog niet definitief. “Maar alles bij elkaar lijkt het wel een goed jaar te worden. Dus daar zijn we blij mee.” Markus Pieters van Bauhaus noemt evenmin exacte cijfers maar spreekt wel van een mooi jaar: “Bauhaus Nederland groeide in 2025 harder dan de markt en ik schat in dat dat vooral ten koste ging van Praxis, Gamma, Karwei en Hubo.”
Hans Hortensius van KlusWijs is minder lovend over 2025: “We zijn geëindigd met een klein plusje: +1,2% om precies te zijn. In volume is dat nauwelijks groei, terwijl onzekerheid overheerst.” Ook Hubo is niet meteen laaiend enthousiast over 2025, geeft Miriam de Bruin toe. Maar eigenlijk vindt ze de totaalomzet niet eens zo heel relevant. “Dat Hubo met minder winkels de omzet op peil heeft weten te houden, vind ik juist een goed teken. Dat betekent dat de omzet per winkel stijgt en dat ondernemers gewoon geld verdienen. En als de ondernemers een goede boterham verdienen, zijn wij tevreden.” En scherper nog: “Omzet laten groeien is niet zo ingewikkeld, dat kunnen we morgen doen als we zouden willen. Maar de vraag is: verdien je er ook wat aan?”

Evert de Goede (Hornbach): “We zitten in een topjaar”
Waar zagen de retailers de groei vandaan komen? Eerst weer De Beijer: Naast gestegen koopkracht ziet hij de woningmarkt als belangrijke factor. “Wat mij echt wel is meegevallen,” zegt de Intergamma-directeur, “is wat er op de huizenmarkt gebeurde. Het aantal woningverkopen lag in 2025 zo’n 10 procent hoger dan in 2024. En dat leidt uiteindelijk tot meer verhuizingen.” En verhuizingen leiden tot meer omzet.
Als Intergamma zich met concurrenten meet, kijkt de franchisegever van Gamma en Karwei bewust verder dan alleen de klassieke DIY-definitie. De Beijer volgt een brede monitor waarin ook partijen als Bol, Amazon, Coolblue, Welkoop, Kwantum en Intratuin zijn meegenomen. “Je ziet dat die bredere markt afgelopen jaar redelijk stabiel is gebleven. Online liet een mooie stijging zien, offline stond onder druk.” Tegen de achtergrond van die bredere monitor presteerde Intergamma bovengemiddeld, aldus De Beijer. “Daar hebben wij het echt beter gedaan dan de markt. En als ik dan de berekende omzet van Hornbach daarin mee-calculeer, dan zie je dat wij absoluut bij de winnaars in de markt horen. Daar ben ik hartstikke trots op.”

Miriam de Bruin (Hubo): “Druk op rendement is echt het spel van vandaag”
Als Praxis-directeur Duchenne in Europa rondkijkt, ziet ze in de doe-het-zelfmarkt in Nederland een heel ander beeld dan in sommige omringende landen. “Als we even naar onze collega’s in België kijken, dan staan daar de grote projecten echt onder druk. Dus dan prijs ik me maar even gelukkig dat de doe-het-zelfmarkt in Nederland een groeiende is.” Het voorjaar, met name door tuin en buiten, gaf Praxis een vliegende start. “We hebben echt een supergoed voorjaar gehad. Dat heeft ons een hele fijne start van het jaar gegeven.” Die stabiliteit vertaalt zich ook naar het winkelmandje. Hiiper laat een gemiddeld bonbedrag van ca. € 40 zien voor Praxis. Duchenne herkent dat bedrag: “Ons bonbedrag blijft gelukkig goed op peil.”
Voor Hornbach werd de basis voor het succes in 2025 al vroeg gelegd. De Goede: “Ik zeg altijd: als je een goed voorjaar achter de rug hebt, dan moet het heel gek lopen wil de rest van het jaar dat resultaat nog verknoeien.” Die lijn zette door. “Na het voorjaar hadden we een goede zomer en tot in december echt topomzetten.” Ook binnen de internationale Hornbach-organisatie steekt Nederland er met kop en schouders bovenuit. “Netto onderaan de streep, in omzet, klantengroei én gemiddelde bon.” Dat hogere bonbedrag is geen toeval. “We positioneren ons echt als projectbouwmarkt. Dat zie je terug in grotere bonbedragen, bij zowel zakelijke als particuliere klanten.”

Corine Duchenne (Praxis): “De reguliere business goed doen”
Voor 2026 is De Goede van Hornbach positief: “We zien veel renovaties en goedgevulde orderportefeuilles bij onze partners.” Wel blijft de politiek een factor. “We gaan niet ineens honderdduizenden woningen extra bouwen, maar de markt biedt ons volop groeimogelijkheden. Want het aantal verhuisbewegingen is dan wel niet zo hoog, mensen blijven investeren in hun woning. Badkamers, keukens, kleinere projecten – die blijven wel doorgaan.”
Ook Hubo’s De Bruin is uitgesproken positief. “We hebben in 2025 veel gezaaid en denken dat we in 2026 echt gaan oogsten.” Een belangrijk fundament werd ‘onder water’ gelegd. “We hebben een nieuwe website gelanceerd en een loyalty-app. Misschien niet spectaculair voor de buitenwereld, maar het fundament van onze omnichannel is nu echt goed.”
Richting 2026 is Intergamma-directeur De Beijer positief. Voor de branche en voor Gamma en Karwei. “Als je naar de economische indicatoren kijkt, dan zie je dat het aantal woningtransacties verder zou moeten toenemen. De koopkracht blijft naar verwachting op peil.” Dat voedt het vertrouwen. “Wij verwachten opnieuw een mooi jaar voor beide formules, met groei in omzet en marktaandeel.” Tegelijkertijd blijft hij realistisch. “Het hangt natuurlijk altijd af van geopolitieke ontwikkelingen. Maar als die geen grote impact hebben, zijn wij positief gestemd.”
Bauhaus-directeur Pieters voorziet geen grote verschuivingen in 2026. “De Nederlandse economie, bestedingspatronen, verhuizingen, nieuwbouw … daar maak ik me niet zo druk over.” Voor de totale doe-het-zelfsector verwacht hij in 2026 ‘ongeveer plus 2,5 tot 3%. “Zeg 2,5% procent inflatie en 1% volumegroei, waarbij wij niet alle prijsstijgingen zullen doorberekenen. Dat doen we bewust niet.”

Markus Pieters (Bauhaus): “We laten ons de kop niet gek maken”
Ook Duchenne is voorzichtig optimistisch. “Sectorrapporten laten zien dat de DHZ-markt blijft groeien. Dat vind ik positief.” Tegelijkertijd noemt ze de grootste zorg zonder omwegen: “We kijken waarschijnlijk weer tegen vijf tot zes procent loonkostenstijging aan ten opzichte van vorig jaar als gevolg van de verhogingen van het wettelijk minimumloon. Dat blijft heel uitdagend.”
Hortensius van KlusWijs noemt zijn verwachting realistisch-voorzichtig. “Je mag heel blij zijn als je de inflatie goedmaakt.” De grootste uitdaging ligt in behoud van bestaande winkels. “Opvolging wordt steeds lastiger. De nieuwe generatie ziet hoe hard je moet werken als retail-ondernemer en heeft daar niet altijd zin in.”
In 2025 gebeurde er veel. Bij Hubo werd er in 2025 veel gezaaid op gebied van online en data. “We kunnen nu eindelijk echt met klantdata werken en daar marketing op loslaten. Dat gaat ons veel brengen.”
Ook bij Hubo intern werd gebouwd aan de teams op het nieuwe hoofdkantoor in Amersfoort. “We hebben bijvoorbeeld de DTP in eigen huis gehaald. Twee toppers die het merk doorleven.” Dat maakt verschil, merkt De Bruin. “Ze komen nu gevraagd en ongevraagd met ideeën. Het versterkt de dynamiek enorm. Alles – van verpakkingen tot uitingen – valt nu veel beter op zijn plek.”

Hans Hortensius (KlusWijs): “Als je alleen op je corebusiness draait, red je het niet meer zo makkelijk”
Een andere strategische keuze waar De Bruin trots op is, is het versnellen van het Hubo-eigen merk. “Vijf jaar geleden vond ik Hubo al sterk genoeg, maar waren we er misschien nog niet helemaal klaar voor. Maar toen we in een grote categorie toch van leverancier moesten wisselen, hebben we gezegd: nu of nooit. Het stond al lang op ons wensenlijstje en als we dan toch nieuwe voorraden moeten aanleggen, dan doen we het meteen helemaal in Hubo-huisstijl.” De uitrol begon bij verf, maar dat is pas het begin. “Zéker weten dat dit ook naar andere categorieën gaat. Dit is niet meer te stoppen.”
Bij Intergamma werd flink geïnvesteerd in de online operatie en óók in het fysieke winkelnetwerk. In 2025 werden tien vestigingen volledig gerestyled. “En dat is ook echt een van de redenen dat de omzet gegroeid is,” zegt De Beijer. “Je ziet lokaal dat die omzet in zo’n winkel gewoon omhooggaat.” Bij Gamma begon dat met Verf, bij Karwei met Raamdecoratie en nu ook met Verf. “Je zet het nieuwste concept van een afdeling in een oudere winkel. Zo hoef je niet de hele winkel in één keer te verbouwen.” Van zulke modulaire ombouwen heeft Karwei er in 2025 25 achter de rug.
Een van de spannendste projecten van het afgelopen jaar was de overgang naar één nieuw distributiecentrum. “Dat was eerlijk gezegd dé potentiële nachtmerrie van 2025,” zegt De Beijer met een glimlach. “Van vijf DC’s naar één, gecombineerd met een nieuw warehousemanagement-systeem.” Toch verliep de operatie opmerkelijk soepel. “We hebben natuurlijk onze issues gehad, maar de klant heeft er niks van gemerkt. En daar ben ik echt ont-zet-tend trots op.” Inmiddels zijn de oude DC’s gesloten en draait het nieuwe centrum volledig. “Een groot deel van het assortiment wordt nu per afdeling aan de winkels uitgeleverd. Dat helpt enorm in de winkel.” Minder handelingen, meer overzicht. “En uiteindelijk: meer tijd voor de klant.”
Ook bij Bauhaus sleutelden ze aan hun winkels. “In Venlo en Groningen hebben we de sanitairafdeling vernieuwd en zien we twee keer betere trends dan in winkels waar dat nog niet is gedaan”, aldus Markus Pieters. “Ook hebben we de oude Duitse vloerafdelingen weggehaald. Dat was massa, bergen, per leverancier. Tegenwoordig presenteren we liever vanuit stijl- en smaakgroepen en denken we van buiten naar binnen en richten we afdelingen veel meer in op het zoek- en beslisgedrag van de consument.”
Wie in 2025 Praxis-winkels bezocht, kon soms lege schappen aantreffen. Dat onderwerp schuift Duchenne niet terzijde. “Dat is altijd een zorg. Ik wil dat alle vakken gevuld zijn. Maar ik zag in 2025 niets dat we niet konden verklaren. Als schappen soms al iets leger waren, zijn de oorzaken divers. We zijn hebben een nieuw voorraadssysteem ingevoerd. Dat is goed geland, maar iedereen moet er wel aan wennen. Daarnaast spelen wissels, scherp uitverkopen en soms te krappe parameters weleens een rol.” Volgens Duchenne blijft het balanceren. “Als je alle vakken vol zet met te veel voorraad, is het ook niet goed, hè?”
Kort voor de jaarwisseling heropende Praxis in Amsterdam de Citystore aan de Trompenburgstraat. “Ruim groter dan de gemiddelde Citystore die 250 tot 300 meter meet. We hebben echt alles op alles gezet om die nog vóór kerst open te krijgen.”
Binnen de KlusWijs-groep was 2025 zo’n jaar waarin veel samenkwam. “We zijn in contact gekomen met een groep voormalig Blokker-ondernemers en zijn hen gaan servicen op het gebied van inkoop, finance en marketing. Uiteindelijk mondde dat zelfs uit in een compleet nieuwe formule: Allesz. Dat heeft natuurlijk heel veel teweeggebracht. Niet alleen hier in de centrale organisatie, maar ook bij de betreffende ondernemers. Ook in de KlusWijs-groep. Je ziet dat daar weer nieuwe energie vrijkomt.”
Online, daar zijn de meningen over verdeeld. Pieters wil met Bauhaus online zéker wel groeien. Er zit nog heel veel groeipotentieel in de organisatie. Op bestaande locaties én online. “Maar niet tegen elke prijs. Gratis bezorgen is onzin. In de winkel zit transport ook in de prijs.” Een test met lagere bezorgkosten bewees zijn punt. “We verkochten vier keer zoveel, maar verdienden niks.”
De Beijer ziet ook dat online minder rendeert dan de fysieke bouwmarkt. “Maar ik zou altijd adviseren om naar het integrale rendement te kijken, want je hebt beide kanalen keihard nodig.” Dat je als retailer uiteindelijk niet zonder een webshop zou kunnen, vindt De Beijer een te grote uitspraak. Maar zijn overtuiging: de omnichannel-klant is uiteindelijk meer waard. “Meer dan 80% van de klanten begint zijn reis online. En als klanten online iets bij je kopen, kunnen ze fan worden van je fysieke winkel. We zien dat de waarde van een klant die online én offline koopt, vele malen groter is. Als je die klant links laat liggen omdat online minder rendeert, dan snijd je jezelf op termijn in de vingers.” Ook al is de margemix uiteindelijk lager als je online-aandeel toeneemt? “Inderdaad.”
Dat online voor Praxis belangrijk is, blijkt wel uit de herinrichting van e-commerce logistiek. “We zijn daar naar palletleveringen vanuit de winkels gegaan, in plaats vanuit het DC in Roermond.” Dat scheelt transportkilometers, CO₂ en heel veel handling in het DC, waardoor ze zich daar op de kleine pakketjes kunnen concentreren. “Bovendien levert het de winkels een leuk klantmoment op.”
Qua winkels staat er vanaf 2026 ook weer heel wat te gebeuren. Intergamma werkt naast de restyling van volledige winkels steeds meer met modulaire ombouw. “We zijn vooral gaan kijken hoe we het goedkoper en slimmer kunnen doen. Denk aan hergebruik van stellingmateriaal, wat meteen ook duurzamer is. En in plaats van hele winkels tegelijk aan te pakken, vernieuwen we dan alleen specifieke afdelingen. Dat geeft meer snelheid. Strategische speerpunten kun je zo sneller landelijk uitrollen. Dat is behapbaarder voor ondernemers én voor onze ombouwploegen.”
Hornbach heeft aan groeiambities geen gebrek. Voor de geplande nieuwe winkels in Almelo en Rotterdam wacht Hornbach nog op een uitspraak van de Raad van State. Daarnaast is Hornbach met vijf tot zes steden in gesprek en De Goede verwacht er daarvan binnen vijf jaar een tot twee in ontwikkeling te kunnen nemen. “Een van die locaties is echt groot, op een grondstuk van 50.000 vierkante meter, dat wordt iets heel speciaals. De andere zitten tussen de 12.000 en 14.000 vierkante meter en worden kleinere
Hornbach-winkels.”
Concretere projecten zijn er ook. Hornbach Vloeren in Beuningen gaat deze zomer open in het oude Gamma-pand. En in Enschede kreeg de bestaande vestiging ruimte door een nieuwe drive-in in het oude pand van Praxis. “Daardoor kunnen we naast de vestiging een afwijkende drive-in inrichten met tuinplanken, schuttingen en andere lange materialen. Alles wat lastig door de winkel te slepen is.”
Na vier jaar stilstand komt er weer schot in de Bauhaus-expansie. De start van de bouw van de vijfde winkel – in Amersfoort – staat op stapel. En voor de echte landelijke dekking heeft Bauhaus nog een duidelijk plan. “Wij ‘redeneren in snelwegen’. Als we Amersfoort geopend hebben, hebben we alleen bij Apeldoorn en Deventer nog een gat op de A1. Ook in de hoek van Arnhem en Nijmegen is er nog een gat. Net als in Zwolle, in Noord-Holland, in Amsterdam, in Rotterdam, in Den Bosch of Breda en in Eindhoven en Maastricht.”
Bij Praxis was er in 2025 al beweging in het winkellandschap tussen franchisenemers en Praxis’ eigen filialen. In de Belgische pers werd bekend dat Praxis vier winkels ging verkopen aan franchisenemers. “Dat heeft eigenlijk al plaatsgevonden. En wie weet volgen er in 2026 nog wel een paar, als dat zo uitkomt.” Het is volgens Duchenne geen beleid of strategische keuze van Praxis om van eigen filialen naar franchisewinkels te gaan. “Het is echt een individuele afweging per winkel. Voor klanten verandert er weinig. De winkel blijft, de medewerkers blijven. Alleen de eigenaar verandert.”
Nieuwe winkels voor KlusWijs verwacht Hortensius niet, want: “Nederland zit eigenlijk al te vol met doe-het-zelf. Er is een overschot aan vierkante meters. En onze branche is er niet aantrekkelijker op geworden voor jonge mensen. Dat hebben we onszelf aangedaan.” Daarentegen ziet De Bruin bij Hubo juist een bemoedigende ontwikkeling qua opvolging. “Een paar jaar geleden was zelfstandig ondernemerschap niet zo sexy voor jongeren. Dat beeld kantelt.” Ze ziet steeds vaker jonge ondernemers instappen. “Kinderen van, of bedrijfsleiders die het stokje overnemen. En dat is mooi om te zien. Deze nieuwe generatie heeft de gouden tijden in doe-het-zelf niet meegemaakt en voor hen is succes niet zo vanzelfsprekend. Misschien dat ze
daardoor ook veel meer bezig zijn met digitalisering, dashboards, rendement per groep. Zij vinden het vanzelfsprekend om data te gebruiken.”
Deze terugblik op 2025 en de vooruitblik op 2026 laten zien dat succes in de bouwmarkt geen uniforme betekenis heeft. Waar de een wint met schaal en projectbenadering, kiest de ander voor rendement of verbreding. Wat alle ketens bindt, is realisme: de markt blijft kansen bieden, maar vraagt om scherpe keuzes. In 2026 zal niet degene winnen die het hardst groeit, maar degene die het best weet waarom hij doet wat hij doet.
We maken onze artikelen met veel aandacht. Zie je toch ergens iets dat niet klopt? Meld het dan via redactie@mixpress.nl
Er zijn nog geen reacties.
Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.


Hoogstraat 110
Postbus 11
5258 ZG Berlicum
Telefoon: +31 (0) 73 503 43 47
E-mail: redactie@mixpress.nl